Butterscotch koekjes

Het nieuwe Arcade Fire album is uit sinds vrijdag en hij staat sindsdien hier op continue repeat. Wat een fijn, fijn dansbaar album.  Ik wil er de hele dag naar luisteren. Ik was vandaag zelfs bijna te laat op mijn werk omdat ik toch nog  één keertje Afterlife (mijn lievelings op het moment) wilde luisteren.   Gelukkig is bakken en muziek luisteren heel goed te combineren, dus kan ik dat gewoon blijven doen.  En aangezien dit toch een bakblog is en geen muziekblog, zal ik er verder niet te veel over uitwijden. Bovendien kan ik mijn blijheid toch niet zo goed verwoorden, maar geloof me, ik word hier heel gelukkig van.

Deze koekjes zijn trouwens zo simpel en lekker. Dat heb ik wel zo verteld. Echt een goed recept voor als je binnen nu en een half uur koekjes wilt eten.

Dit heb je nodig:

  • 100 gr boter
  • 200 gr donkerbruine basterdsuiker
  • 1 tl vanille extract
  • 1 ei, losgeklopt
  • 300 gr zelfrijzend bakmeel (of 300 gr bloem met 3 tl bakpoeder)
  • ½ tl zout

(Zie je, de verhoudingen van de ingrediënten zijn al makkelijk te onthouden.)

En zo maak je ze:

Verwarm de oven op 180 °c  (160 °c hetelucht) en bekleed een bakplaat met bakpapier.

Smelt de boter in een steelpannetje en voeg de suiker en vanille extract toe. Laat de suiker een beetje oplossen. Haal het pannetje van het vuur en laat het een beetje afkoelen. Roer er dan vlug het ei doorheen.

Roer het zout door het bakmeel en giet hier het boter/suiker/ei mengsel bij. Kneed het door tot je een deeg krijgt. Rol het uit tot een lap van ongeveer 1 cm dikte. Steek met een ronde steker van ongeveer 5 cm koekjes uit en leg deze op de bakplaat. Bak de koekjes in ongeveer 20 minuten goudbruin.

That’s it. Supersimpel.

Hebben we mooi tijd over voor een liedje.

Gingerbread house

Sinds ik nu alweer bijna een maand geleden ben verhuisd, was het hoog tijd voor een housewarming. En hoe kan je dat beter doen dan door zelf een huisje te maken? Zo eentje van gingerbread, die net uit het sprookje van Hans en Grietje lijkt te komen? Buiten viel de regen met emmers uit de lucht en binnen zijn wij de hele dag bezig geweest dit huisje in elkaar te knutselen. Ik was heel tevreden met het resultaat en volgens mij mijn medebouwers ook. En ook een klein beetje verbaasd dat het zo goed uitpakte en ook daadwerkelijk bleef staan.  Dus, heb je altijd al eens je eigen snoephuisje willen bouwen, aarzel dan niet! Het is vrij eenvoudig, maar ik zou het wel met meerdere mensen ondernemen. Dus trommel een paar vrienden/vriendinnen/familieleden/andere mensen die wel in zijn voor wat knutselwerk en ga aan de slag!  Voor je het weet is de middag alweer voorbij, staat er een prachtig huisje op tafel en zijn jullie allemaal misselijk van het snoepen van de decoraties. Missie geslaagd!

Dit heb je nodig:

Voor het deeg:

  • 250 gr boter
  • 200 gr lichtbruine basterdsuiker
  • 100 ml (ong 7 el) golden syrup of stroop
  • 600 gr bloem
  • 2 el gemberpoeder
  • 1 el kaneel
  • 1 tl koekkruiden
  • 1 tl zout
  • 2 tl baksoda

Voor het glazuur/plakmiddel

  • 1 eiwit
  • 250 gr poedersuiker
  • 2 tl water

En ook nog:

  • Decoraties (Je kunt hier alle soorten snoep, chocola en koek voor gebruiken die je maar wilt. Wij hadden smarties, mokkaboontjes, mini-stroopwafels, pepernoten, chocolade hagelslag, vruchtenhagelslag, tumtummetjes)
  • Lineaal
  • Karton of stevig papier
  • Bakplaat
  • Bakpapier
  • Iets waar je huis op kan staan zoals een dienblad of stuk dik karton
  • Sateprikkers of kleine kwastjes

En zo maak je het:

Verwarm de oven voor op 200 º c (180 º c voor een hetelucht oven)

Begin met het maken van het deeg. Verwarm de boter, suiker en stroop in een pannetje tot de boter is gesmolten.  Haal het van het vuur. Meng de specerijen, zout en baksoda door de bloem. Giet hier het boter/suiker mengsel over en kneed het goed door elkaar tot het een deeg vormt.  Dek het af met huishoudfolie tot je het weer nodig hebt en het een beetje is afgekoeld.

Maak ondertussen je sjablonen. Voor dit huisje heb je nodig: 1 sjabloon van 16×13 cm, dit worden twee zijmuren, 1 sjabloon van 16x13cm met in het midden een punt tot 23 cm, dit worden de voor en achterkant van je huis, en 1 sjabloon van 20.5×15.5 cm, dit worden de daken. Teken het af op stevig papier of karton en knip het uit.

Leg een stuk bakpapier ten grootte van je bakplaat op je aanrecht en rol hier het deeg op uit tot een dikte van ongeveer 3 mm.  Gebruik je sjablonen om de muren en daken uit te snijden. Het is makkelijker om het deeg in gedeeltes uit te rollen anders krijg je zo’n grote lap. Leg ze met bakpapier en al op de bakplaat en zorg ervoor dat de stukken ietsje van elkaar af liggen. Als je niet alles in een keer op je bakplaat krijgt, bak het dan omstebeurt. Bak de stukken gingerbread in ongeveer 10 minuten gaar. Ze zullen nog zacht aanvoelen, maar ze worden steviger als het afkoelt. Zodra ze uit de oven komen kun je je sjabloon gebruiken om ze precies bij te snijden. Nu kun je er als je wilt ook ramen en deuren in snijden.

Nu kun je het glazuur maken dat later alles aan elkaar gaat plakken. Meng hiervoor het eiwit, samen met de poedersuiker en water rustig door elkaar. Zodra het een geheel is mix je het nog eens 5 minuten goed door met een mixer zodat je een vrij luchtig glazuur krijgt.  Zet het afgedekt in de koelkast tot je het gaat gebruiken.

Zodra de daken en muren volledig zijn afgekoeld mag je gaan beginnen met decoreren.  Schep eerst een paar lepels van je glazuur in een klein bakje en laat de rest weer afgedekt in de koelkast staan. Dit heb je later nodig om het huis in elkaar te zetten.

De decoratie mag je natuurlijk helemaal doen zoals je zelf wilt. Gewoon een beetje spelen met de dingetjes die je hebt. Het is altijd goed! Gebruik sateprikkers om met het glazuur de decoraties vast te plakken en natuurlijk kun je het glazuur zelf ook als decoratie gebruiken. Zodra je tevreden bent met je muren en daken kun je het huisje in elkaar gaan zetten. Begin met een muur en smeer een beetje glazuur aan de onderkant om deze aan je ondergrond vast te zetten. Pak een volgend stuk muur en smeer hier ook wat glazuur aan de onderkant en aan een zijkant en plak deze aan je eerste muur vast.  En ga zo door tot alle muren staan. Vele handen maken licht werk in dit geval! Houdt de muren overeind met je handen of gebruik potjes of mokken om de muren te ondersteunen. Zorg dat de muren zijn ondersteund tot de glazuur is uitgehard, dit duurt ongeveer een kwartiertje. Zet dan de daken erop. Vanzelfsprekend ook met behulp met flink wat glazuur die je op de bovenkant van je muren smeert en in de nok van het dak.  Gebruik nu ook weer ondersteuning tot de glazuur is uitgehard. En waarempel, daar staat je huisje!

(Ja, ik heb zelf ook nog meegedaan…)

 

Lemon Curd koekjes

Vorige keer gaf ik een recept voor lemon curd. Nu een koekje waarbij je die mooi kunt gebruiken. Je spreid een mengsel van lemon curd, room en havervlokken uit over een zanddeegkoekje. Na het bakken krijg je een lekker bros koekje met daarop een beetje een taai laagje. Heel lekker als je eens een keer iets anders wilt!

Dit recept is trouwens van Dan Lepard. Die op het moment jureerd bij The Great Australian Bake Off. GABO komt helaas al weer bijna aan z’n eind, aanstaande dinsdag is de finale! Mijn favoriete van het begin, Maria, zit er nog steeds in, dus ik hoop dat ze wint! Als je het nog niet hebt gezien, raad ik je zeker aan om het eens te kijken. Niet alleen vanwege geweldige baksels en om inspiratie op te doen. Maar vooral ook om de misbaksels, en hele vreemde figuren. Die Ozzies zijn echt een beetje gek!

Dit heb je nodig:

  • 50 gr havervlokken
  • 50 ml slagroom
  • 100 gr lemon curd
  • 150 gr boter
  • 150 gr fijne kristalsuiker
  • rasp van 1 citroen
  • 225 gr bloem
  • 3 el maizena

En zo maak je het:

Meng de havervlokken, slagroom en lemon curd door elkaar in een kom. Dek de kom af en laat het staan terwijl je verder gaat met de rest van de ingrediënten.  Roer de boter zacht met de suiker en citroenrasp, tot het romig en luchtig is. Roer er de bloem en maizena door.  Pak het deeg in plastic folie en leg het in de koelkast om op te stijven.

Verwarm de oven voor op 175 ° c.  Leg een vel bakpapier op een bakplaat. Haal het deeg uit de koelkast en draai hier bolletjes van, ongeveer ten grootte van een walnoot. Leg ze op de bakplaat, ongeveer 5 cm van elkaar,  en druk ze een beetje plat.  Als ze een beetje kapotscheuren aan de randjes kun je het deeg weer een beetje bij elkaar duwen, maar het is niet zo erg. Smeer een eetlepel van je haver-lemon curd mengsel over elk koekje. Bak de koekjes voor ongeveer 20 minuten.

 

Mokka koekjes

Maak kennis met mijn nieuwe favoriete koekje!

Koffie maakt mij altijd heel boos. Want, verse koffie ruikt heerlijk, en dingen met een koffie smaak vind ik lekker, maar koffie zelf is zo vies. Hoe komt dat? Waarom kan iets zo lekker ruiken en zo niet lekker smaken? Ik vind het zo stom.

Maar eten met een koffie smaak lust ik wel. Mokkagebakjes vind ik heerlijk. Echt zoiets wat ik nooit zelf haal, maar als iemand zo’n doos heeft van de bakker, met allemaal verschillende gebakjes, hoop ik altijd dat er ook nog een mokkataartje over is. En nu heb ik een koekje gevonden, dat naar mokka smaakt. Een mokkataartje in koekjes vorm.

En nu heb ik dus een nieuwe favoriete koekje en hoef ik nooit meer iets anders te maken. Tot dat m’n nieuwe favoriete langs komt natuurlijk. Ondertussen moet iedereen van mij deze koekjes eten, of ze nou willen of niet, want ze zijn echt heel lekker. Toch? Neem er maar twee, of drie. Of meer, lekker he?

Dit heb je nodig (Voor ongeveer 35 stuks:)

  • 1 el espressopoeder
  • 1 el kokend water
  • 225 gr boter
  • 75 gr poedersuiker
  • 1/2 tl vanille extract
  • 250 gr bloem
  • 100 gr chocolade (melk of puur)

En zo maak je ze:

Los de espresso poeder op in het water en laat het staan om af te koelen.

Met een mixer roer je de boter zacht met de poedersuiker. Dit duurt wel een paar minuten. Meng er de opgeloste espresso en vanille extract door. Hier wordt het gevaarlijk, want nu heb je dus eigenlijk een mokkacreme gemaakt, die veel te lekker is. Spatel vervolgens de bloem er door.  Hak de chocola in kleine stukjes en spatel deze door het deeg.

Ik moet nog maar eens even zeggen dat het deeg echt heel lekker is en ik het je helemaal niet kwalijk neem als je besluit om geen koekjes te bakken, maar het deeg zo op eet.

Het deeg is echt superzacht, dus zo uitrollen is onmogelijk. Het makkelijkste is om een stukje huishoudfolie op een snijplank te leggen. Hierop het deeg verspreiden, daarover weer een stuk huishoudfolie en het zo tussen twee lagen folie uit te rollen. Rol het uit tot een plak van ongeveer 7 mm dikte. Iets van 25 x 25 cm ofzo. Leg het daarna met plank en al minstens een uur in de koelkast om op te stijven.

Verwarm intussen de oven voor op 150 ° c.

Haal je deeg uit de koelkast en steek er rondjes uit van ongeveer 5 cm doorsnede. Je kan natuurlijk ook andere vormen gebruiken, of de hele plak in vierkantjes snijden. Als je restjes over hebt kun je deze weer bij elkaar doen en opnieuw uit rollen. Als het deeg te zacht wordt zet je het weer even in de koelkast om op te stijven.

Leg de koekjes op een bakplaat en bak ze voor ongeveer 25 minuten.

Niet dat deze koekjes lang blijven liggen, maar de smaak ontwikkelt zich steeds meer en de koekjes worden steeds lekkerder.

Recept gebaseerd op een recept van Dorie Greenspan, via Smitten Kitchen.

Bitterkoekjes

Soms dan zit ik echt tijden naar het scherm te kijken en dan denk ik: “Wat moet ik hier nou weer over schrijven.” Ik weet het niet. Mijn hoofd is leeg. Dit zijn bitterkoekjes en ze zijn lekker en dat is alles wat je moet weten.

En dit heb je er voor nodig (Voor ongeveer 16 stuks):

  • 100 gr amandelmeel
  • 200 gr fijne kristalsuiker
  • 2 eiwitten
  • een paar druppeltjes amandelextract *

Gebruik hier voor een goede extract van bittere amandelen. Je hebt echt maar een paar druppeltjes nodig, maar zonder smaakt het echt niet naar bitterkoekjes.

En zo maak je het:

Verwarm de oven voor op 200 ° c en bekleed een bakplaat met bakpapier.

Roer alle ingrediënten goed door elkaar. Dit kan met een mixer, maar ook met een lepel. Je moet het beslag kunnen spuiten, dus als het nog heel stevig aanvoelt kun je het verdunnen met een piepklein beetje water. Maar pas op, want het moet ook weer niet zo dun zijn dat het meteen uitloopt.

Vul een spuitzak met een groot glad spuitmondje met het beslag en spuit kleine hoopjes op de bakplaat. Houdt er rekening mee dat de koekjes nog best wel veel uitzetten.

Bak ze voor ongeveer 15 minuten tot ze goudbruin gekleurd zijn.

Gevulde koeken

Zelfgemaakte gevulde koeken. Dat is leuker en lekkerder dan in de winkel kopen. Een win-win situatie noemen ze dat.

Dit heb je nodig (voor ongeveer 12 stuks):

  • 250 gr bloem
  • 1 tl bakpoeder
  • snufje zout
  • 160 gr harde boter, in kleine blokjes
  • 125 gr fijne kristalsuiker
  • rasp van 1/2 citroen
  • 1 ei, losgeklopt
  • 250 amandelspijs *
  • 12 garneeramandelen

*Koop het kant en klaar of maak het zelf door 125 gr gemalen blanke amandelen of amandelmeel, 125 gr fijne kristalsuiker en 1 ei door elkaar te mengen. Als je kant en klaar amandelspijs koopt moet je het van te voren even een beetje doorkneden zodat het wat soepeler wordt en als het nodig is even een drupje water aan toevoegen om het wat losser te maken.

En een bakplaat bekleed met bakpapier en een ronde, geribbelde steker van 7 cm.

En zo maak je het:

Verwarm de oven voor op 200° c.

Meng het bakpoeder en zout door de bloem. Doe de boter erbij en wrijf het door de bloem totdat alle klontjes zijn verdwenen en het mengsel op broodkruimels lijkt. Meng de suiker en de citroenrasp erdoor en voeg de helft van het losgeklopt ei toe. Kneed het snel door tot een deeg en laat het 15 minuten in de koelkast rusten.

Verdeel het amandelspijs in twaalf gelijke porties en rol er balletjes van. Druk ze iets aan tot je schijfjes krijgt van ongeveer 4,5 cm doorsnee.

Rol het deeg uit tot een plak van ongeveer 3 mm dikte. Steek met de koekjessteker 24 rondjes uit. Je kunt het deeg weer bij elkaar kneden en opnieuw uitrollen als je niet meteen 24 rondjes krijgt. Leg 12 rondjes op de bakplaat en leg op elk rondje deeg een stukje amandelspijs. Smeer wat water rondom het spijs en dek ze af met de 12 overige rondjes. Druk de randjes voorzichtig, maar goed aan. Bestrijk de koeken met het overgebleven losgeklopte ei. Druk een halve amandel in het midden van iedere koek en laat ze ongeveer een kwartiertje rusten.  Bak ze in het midden van de oven tot ze goudbruin zijn, ongeveer 20 minuten.

Dit recept komt uit Het Nederlands Bakboek.

White chocolate cheesecake

Dit is een taart die ik zo’n 7 jaar geleden voor het eerst proefde. Ik vond het toen al geniaal en nu is het nog steeds een van mijn favorieten.  Ik vind de scherpe, zoetzure smaak van de frambozen heel lekker bij de romige, zachte cheesecake, maar in het originele recept zaten er geen frambozen bij, dus die kun je ook weglaten als je er niet van houdt.

Dit heb je nodig:

Voor de bodem:

  • 200 gr tarwekoekjes
  • 80 gr boter

Voor de vulling:

  • 350 gr witte chocolade van goede kwaliteit
  • 125 ml slagroom
  • 700 gr roomkaas (bijvoorbeeld philadelphia)
  • 50 gr witte basterdsuiker
  • 4 eieren.

Voor de topping (optioneel):

  • doosje diepvriesframbozen, of verse als ze in het seizoen zijn
  • 1 tl maizena, tot een papje geroerd met wat water

En een springvorm van 24 cm, ingevet en bekleed met bakpapier.

En zo maak je het:

Verwarm de oven voor op 180  c.

Begin met het maken van de bodem. Maal de koekjes tot fijne kruimels. Dit kan in een keukenmachine, of als je die niet hebt, door ze in een diepvrieszak te doen en er met een deegroller op te meppen. Zorg er wel voor dat de koekjes echt fijn zijn, anders krijg je een bodem  die snel uit elkaar valt (zoals in de foto..ik was weer te ongeduldig.) Smelt de boter en roer deze door de koekjes. Verdeel dit mengsel over de bodem van de springvorm en druk het goed aan. Zet de bodem voor 5 minuten in de oven en verlaag daarna de temperatuur tot 150 c.

Ga nu verder met de vulling. Zet een hittebestendige kom op een pannetje met kokend water en verwarm hier in de chocola met slagroom. Blijf roeren tot de chocola is gesmolten, haal het van het vuur af en laat het afkoelen.

Roer de suiker door de roomkaas tot het een romig mengsel is. Voeg één voor één de eieren toe, roer alles goed door na elk ei. Spatel als laatste de chocola door de roomkaas.

Giet dit mengsel in de springvorm en bak de taart voor ongeveer 75 minuten.

Als de taart aan het afkoelen is kun je verder met de topping. Als je verse frambozen hebt zou ik die er gewoon zo opleggen. Met diepvriesframbozen verwarm je die rustig aan in een pannetje tot ze helemaal ontdooit zijn en het een soort frambozensausje is geworden. Je kunt hem iets dikker maken met wat maizena. Laat het afkoelen en giet het daarna over de taart.

 

 

 

 

Chocolate Chip Cookies

Nomnomnom, van die koekjes zijn het.

Ik zocht op het beste chocolate chip cookie recept en volgens veel bakkers en foodblogs is dit het.  Het origineel recept kon ik niet vinden, maar blijkbaar komt het van Jacques Torres.  Gelukkig kan ik het alleen maar beamen. Ik heb al veel choc chip cookies recepten uitgeprobeerd, maar deze is echt geniaal.

Dit heb je nodig:

  • 135 gr fijne witte bloem
  • 125 gr bloem voor witbrood
  • 1 tl bakpoeder
  • 1/2 tl baksoda of zuiveringszout
  • 1 tl grof zout
  • 140 gr boter
  • 135 gr lichtbruine basterdsuiker
  • 135 gr kristalsuiker
  • 1 ei
  • 1 tl vanille extract
  • 300 gr chocolade, fijngehakt (of gebruik chocolate chips als je die kan vinden) (Ik heb 200 gr puur en 100 gr melk gebruikt.)
  • zeezout om te bestrooien

En zo maak je ze:

Zeef de twee bloemsoorten, bakpoeder, baksoda en zout samen in een kom. In een andere kom roer je de boter glad met de suikers, tot het licht en romig is. Dit duurt ongeveer 5 minuten. Voeg het ei en de vanille extract toe tot deze goed zijn opgenomen. Roer het bloem mengsel erdoor tot het een deeg vormt. Spatel als laatste de chocola er door heen. Maak met een ijsbolletjes tang bolletjes deeg en leg deze op een bord. Ik krijg uit dit recept ongeveer 16 koekjes.  Dek het af met  plastic folie en leg het nu minstens 24 uur in de koelkast.

Als je klaar bent om de koekjes te bakken, verwarm je de oven voor op 175 c. Leg de ongebakken koekjes op een met bakpapier beklede bakplaat, zorg ervoor dat er tenminste 5 cm ruimte tussen de koekjes zit, want ze zullen nog wat uitvloeien. Bak ze voor ongeveer 12 minuten, tot ze mooi kleuren aan de randjes. Laat ze ongeveer 10 minuten op de bakplaat afkoelen voordat je ze verder laat afkoelen op een rooster.  Ze zijn vind ik het lekkerste als ze helemaal zijn afgekoeld, maar dat is mijn smaak. Je kunt ze ook nog lauwwarm eten.

Sesam-dadel koekjes

Deze stonden in het boek onder het kopje “gezondere keuze”, mag ik er dan nog eentje?

Dit heb je nodig:

Voor 20 stuks.

  • 50 gr donkerbruine basterdsuiker
  • 50 gr black treacle
  • 125 gr boter, op kamertemperatuur
  • 1 eidooier
  • 175 gr bloem
  • 1/2 tl baksoda of zuiveringszout
  • 1 tl bakpoeder
  • 2 tl gemberpoeder
  • 2 tl speculaaskruiden
  • 175 gr dadels zonder pit, fijngehakt
  • ongeveer 100 gr sesamzaadjes

Een bakplaat met bakpapier.

En zo maak je ze:

Verwarm de oven voor op 180 c.

Mix de boter, treacle en suiker in een kom tot het romig is. Voeg de eidooier toe en meng het goed door. Roer de bloem, baksoda, bakpoeder en specerijen erdoor tot een glad mengsel onstaat. Voeg als laatste de fijngehakte dadels toe en roer alles goed door.  Dek het deeg af met plasticfolie en laat het een half uurtje in de koelkast opstijven.

Verdeel het deeg in balletjes ongeveer ten grootte van een walnoot. Strooi de sesamzaadjes op een bord en plet de deegballetjes in de sesamzaadjes. Als het goed is krijg je koekjes van 3-4 cm, niet meer dan 1 cm dik. Zorg dat ze mooi bedekt zijn met sesamzaadjes. Leg ze op de bakplaat en bak ze voor 15-20 minuten. Laat ze op een rek afkoelen.

Variatietips:

De meeste ingrediënten zijn vervangbaar door dingen die je zelf lekker vindt of in huis hebt. Bijvoorbeeld de dadels voor ander gedroogd fruit zoals vijgen of abrikozen, de sesamzaadjes door maanzaadjes of havervlokken en de gember voor kaneel.

Dit recept komt uit Short & Sweet van Dan Lepard