Pecan dadel sodabrood

Iedereen (nou ok, bijna iedereen..) houdt van de geur van versgebakken brood. Ik heb het geluk dat ik bijna elke ochtend langs een bakkerij kom. Bijna iedereen slaapt nog, of wordt net wakker, maar de ovens draaien daar al op volle toeren. Soms heb ik geluk en staat de achterdeur open en kan ik stiekem even naar binnen kijken en even extra die geur van alle broden opsnuiven.

Nou vind ik zelf brood maken echt superleuk en ik vind het helemaal niet erg om er tijd in te steken. Maar zelf brood maken kost tijd, vanwege het kneden en rijzen. Dus als ik ’s ochtends m’n eigen verse brood wil hebben zou ik midden in de nacht moeten beginnen. Brood maken is leuk, maar een goede nachtrust is leuker.

De oplossing is sodabrood! Dit brood wordt gemaakt op basis van baksoda in plaats van gist, en het is binnen een uur klaar. Het heeft qua structuur wat meer weg van scones dan van brood en het is harstikke lekker. Hier heb ik er pecannoten en dadels bijgedaan. Gewoon, voor de lekker.  Maar ga gerust los met andere ingrediënten en smaak combinaties. Het basisrecept is heel simpel en makkelijk aan te passen aan je eigen voorkeuren.

Dit heb je nodig:

  • 300 gr bloem
  • 175 gr volkorenmeel
  • 1 tl zout
  • 2 tl baksoda
  • 400 ml karnemelk (of 300 ml melk en 100 ml yoghurt)
  • 3 el honing
  • 150 gr pecannoten
  • 200 gr dadels

En zo maak je het:

Verwarm de oven voor op 200 ° c.

Bak de noten even aan in een droge koekenpan. Meng de bloem en meel door elkaar en roer er het zout en baksoda doorheen. Hak de noten en dadels in stukjes en roer deze door de bloem. Giet de karnemelk erbij en kneed het vlug door tot een bal deeg. Zodra het een geheel vormt hoef je niet meer verder te kneden. Vorm een ronde bal van het deeg en leg deze op de bakplaat. Snijd een diep kruis in het deeg, maar niet helemaal doorsnijden. Bak voor ongeveer 30-35 minuten.  Laat het minstens een kwartier afkoelen voor je het aansnijd. De volgende dag is het extra lekker als je het eerst roostert.

Advertenties

Peperkoek

Ja, ik noem dit peperkoek. Ook al zit er geen peper in. En noemen de meeste mensen het ontbijtkoek. Het is dezelfde discussie als bij pepernoten en kruidnoten. Ik weet wel dat er op de verpakking ontbijtkoek en kruidnoten staat, maar dit is mijn blog, dus ik bepaal en ik bepaal dat het peperkoek heet. Zo.

Dit heb je nodig:

  • 250 gr fijn roggemeel
  • 1 ½ tl baksoda
  • 1 tl gemalen kaneel*
  • ½ tl gemberpoeder
  • ¼ tl gemalen kruidnagel
  • ¼ tl geraspte nootmuskaat
  • ¼ tl gemalen kardemon
  • snufje gemalen foelie
  • snufje zout
  • 200 gr keukenstroop
  • 100 gr honing
  • 150 ml water

*Met de specerijen kun je natuurlijk na smaak variëren.

En een brood of cakevorm met een inhouid van 1,25 liter, ingevet en bekleed met bakpapier.

En zo maak je het:

Verwarm de oven voor op 150 ° c.

Zeef de het roggemeel samen met de baksoda, zout en specerijen in een grote kom. Verwarm in een steelpannetje de keukenstroop, honing en water zachtjes op. Roer het rustig door tot het vloeibaar is en niet meer stroperig aanvoelt. Haal de pan van het vuur en laat het mengsel afkoelen tot ongeveer lichaamstemperatuur. Giet het vervolgens over de droge ingrediënten. Roer het goed door elkaar tot er een glad en gelijkmatig beslag ontstaat.

Doe het beslag in de vorm en strijk de bovenkant glad. Bak de koek in ongeveer 50 minuten gaar. Haal de koek uit de vorm en laat hem op een rooster volledig afkoelen. Wikkel het daarna goed in in plastic folie en doe hem in een goed afgesloten trommel. Laat de koek zo minstens 2 dagen staan. Dit is nodig om de smaak te ontwikkelen, en de koek wordt ook steeds smeuiger als je hem zo langer laat staan.

Monkeybread

Laten we even beginnen bij de naam, want ik ben er nog niet helemaal over uit of het wel zo geschikt is. Blijkbaar heet het zo omdat als je het brood uit elkaar plukt, het lijkt op apen die elkaar plukken. Wie wil er in vredensaam een brood dat lijkt op vlooien? Dan kun je het beter hyena brood noemen, want zodra je het op tafel zet valt iedereen aan en wordt het uit elkaar gescheurd. Maar ja, dat klinkt ook weer zo agressief. Het brood bestaat uit allemaal kleine bolletjes, dus misschien bolletjesbrood? Ik weet het nog niet, iemand een goede suggestie?

Hoe we het ook noemen, het is een van mijn favoriete nieuwe dingen. Een heerlijk zoet brood dat in bolletjes door boter en suiker wordt gerold en vervolgens op elkaar gestapeld in een tulband vorm. Het ziet er gaaf uit en het smaakt nog beter.

Dit heb je nodig:

  • 30 gr boter
  • 250 ml melk
  • 75 ml water
  • 50 gr suiker
  • 1 zakje gedroogde gist
  • 450 gr bloem voor witbrood
  • 2 tl zout
  • 150 gr lichtbruine basterdsuiker
  • 2 tl kaneel
  • 75 gr gesmolten boter

En een tulband vorm, ingevet met boter

En zo maak je het:

Maak van je bloem een berg op het aanrecht, en maak een kuil in het midden. Strooi het zout aan de buitenkant van de bloem en in de kuil doe je de 30 gr boter, suiker, melk, water en gist. Begin eerst middenin de kring alles goed door elkaar te roeren en doe er steeds een beetje meer van de bloem bij tot alles door elkaar is gemengd. Daarna kneed je het deeg ongeveer 10 minuten lang goed door elkaar tot het soepel en elastisch aanvoelt. Leg het deeg in een kom, denk het af met folie en laat het minstens een uur rijzen, tot het verdubbeld is in volume.

Meng ondertussen de kaneel door de lichtbruine basterdsuiker en smelt de boter.

Als het deeg is gerezen haal je het uit de kom en duw het in een vierkantige vorm. Verdeel het deeg in 64 ongeveer gelijke stukjes.

Draai van elk stukje deeg een balletje, doop het in de boter, rol het door de suiker en leg het daarna in je tulband vorm. Ga zo door tot je al je deeg op is. Hou wel een beetje het lego principe aan, dus als je een laag van balletjes hebt gedaan, gaat de volgende laag daar niet recht bovenop, maar boven de naden van de vorige laag. Dek de tulband vorm af met folie en laat nog eens een uur rijzen.

Verwarm je oven voor op 175 c. Haal het folie van je tulband en bak het brood voor ongeveer 30-35 minuten. De bovenkant zal dan mooi bruin kleuren en de zijkant begint te karameliseren.  Laat het 5 minuten in de vorm afkoelen voordat je hem omkeert.

Dit recept is gebaseerd op een recept van www.browneyedbaker.com

Honingkoek

Dit is een beetje een vreemd ding. Ik weet eigenlijk niet eens zo goed hoe ik het moet noemen. Het is niet echt brood, het wordt niet gemaakt zoals brood, en er zitten niet dezelfde ingrediënten in. Maar het is ook geen cake, er zitten geen eieren of boter in, en het wordt ook niet gemaakt zoals cake. Ik denk dat het nog het meest op ontbijtkoek lijkt, qua structuur dan.  En dan zit er honing in, en citroen, maar op de een of andere manier smaakt het toch heel kruidig.  Vreemd , vreemd recept, maar zo goed. En makkelijk! Kijk maar, het recept is volgens mij zo’n beetje het kortste wat ik ooit heb gegeven. Het blijft ook lang goed, en is vooral superlekker geroosterd en besmeerd met roomboter. Maar, dat is eigenlijk altijd zo.

Dit heb je nodig:

  • 225 gr bloem
  • 115 gr basterdsuiker
  • 115 gr honing
  • 150 ml heet water
  • 1 tl baksoda
  • fijne rasp van 1 citroen

En een klein cake of brood blik, bekleed met bakpapier.

En zo maak je het:

Verwarm de oven voor op 150 c.

Meng de bloem en suiker in een kom. Verwarm de honing en water in een steelpan tot de honing is opgelost. Haal de pan van het vuur en voeg de baksoda en citroenrasp toe.  Giet dit over de bloem met suiker en roer tot alles goed gemengd is.  Schep het beslag in het bakblik en bak voor ongeveer 50-60 minuten.

Dit recept komt uit Leon: Baking and Puddings.

Hot Cross Buns

Het is goede vrijdag, dus hebben we Hot Cross Buns!  Het kruis op de broodjes zou het kruis van Jezus moeten voorstellen. Nou ja, ik ben niet gelovig, maar als traditie zegt dat je op goede vrijdag hot cross buns eet, dan doe ik dat gewoon. Omdat het lekker is.  Het zijn eigenlijk een soort van gepimpte krentenbollen, met appel en sinasappel erbij. Van mij mag je ze gerust het hele jaar door maken.

Dit heb je nodig (12 stuks):

  • 500 gr bloem voor witbrood
  • 10 gr zout
  • 10 gr gedroogde gist
  • 75 gr suiker
  • 40 gr boter
  • 2 eieren, losgeklopt
  • 120 ml volle melk
  • 120 ml water
  • 150 gr rozijnen
  • 80 gr gekonfijte sinaasappelschil, fijngehakt
  • rasp van twee sinaasappels
  • 1 appel, in blokjes gesneden
  • 2 tl kaneel

Voor het kruis:

  • 75 gr bloem
  • 75 ml water

Om te bestrijken:

  • 75 gr abrikozen jam

En zo maak je het:

Begin zoals altijd met een grote berg van bloem op je aanrecht. Maak een kuil in het midden, zodat je een ring van bloem hebt. Aan de buitenkant van de ring strooi je het zout. Binnenin de ring gaat de suiker, gist, boter, eieren, melk en water. Meng eerst met je hand alles wat binnen de ring zit door elkaar en haal er steeds een beetje meer bloem bij. Ga door todat alles door elkaar is gemengd. Het deeg zal nu wat plakkerig aanvoelen,  dat komt door de eieren en boter. Maar dit wordt wel wat minder als je het goed gaat doorkneden, zo’n 10 minuten lang. Als je het echt te plakkerig  vind kun je er een beetje bloem bij doen, maar zo min mogelijk!  Als het goed is gekneed en soepel aanvoeld, leg je het deeg in een kom, dek het af en laat het minstens een uur rijzen.

Als het deeg ongeveer tot dubbele omvang is gerezen, haal je het uit de kom, en leg je het weer op het aanrecht. Druk het een beetje plat en strooi er de rozijnen, gekonfijte sinaasappel, sinaasappelrasp, appelstukjes en kaneel overheen. Kneed alles door het deeg heen. In het begin lijkt het of alle stukjes appel en rozijnen er uit zullen vallen, maar dat komt wel goed. Leg het deeg weer in een afgedekte kom en laat het nog eens een uur rijzen.

Druk het deeg nu weer plat, tot de lucht er uit is. Rol het uit tot een worst en verdeel het in 8 stukjes. Rol elk stukje op tot een bolletje. Leg ze, vrij dicht op elkaar, op een bakplaat. Dek de bolletjes af en laat nog een uur rusten, tot de bolletjes goed zijn gerezen. Verwarm intussen de oven voor op 220 c.

Maak van de bloem en water een papje. Doe dit een een spuitzak en spuit kruizen over de broodjes heen. Als je geen spuitzak hebt, kun je ook een diepvrieszakje of andere plastic zak gebruiken en daar een puntje van afknippen. Bak ze in de oven tot ze goudbruin zijn, ongeveer 20 minuten.

Verwarm de abrikozenjam, en zeef het indien er grote stukken inzitten. Zodra de broodjes uit de oven komen bestrijk je ze met de abrikozenjam.

Dit recept komt uit Paul Hollywood’s How to Bake en hij maakt ze ook in de Great British Bake Off  Easter masterclass.

Olijvenbrood

Paul Hollywood zegt dat dit brood geinspireerd is door zijn tijd in Cyprus en dat je soortgelijk brood overal op het eiland kan vinden. We zullen het maar moeten geloven, maar als het brood daar altijd zo lekker is, staat Cyprus vanaf nu ook op mijn reisverlanglijstje. Dit was de eerste keer dat ik een brood maakte waar er extra ingredienten door het deeg gekneed moesten worden. Het voelde heel erg raar, net alsof er te veel olijven in moesten. Een beetje skeptisch ben ik toch maar verder gegaan met het recept en het resultaat was heerlijk. Soms moet je gewoon vertrouwen hebben dat iets goed gaat komen.

Dit heb je nodig:

  • 500 gr bloem voor witbrood
  • 2 tl zout
  • 10 gr gedroogde gist (1,5 zakje)
  • 40 ml olijfolie
  • 300 ml koel water
  • handjevol gehakte koriander
  • 1 ui, gepeld en gesnipperd
  • 200 gr zwarte olijven, in stukjes gehakt
  • 100 gr zaadjes (Ik had een mix van voornamelijk sesamzaadjes en een beetje komijnzaad, maar gebruik wat je lekker vind/in huis hebt.)

Een bakplaat bekleed met bakpapier.

En zo maak je het:

Begin, zoals altijd met brood, met een berg van bloem op je aanrecht. Maak een kuil in het midden, giet hierin het water, olijfolie en gist en strooi het zout aan de buitenrand van de bloem. Meng de gist, water en olie door elkaar en haal vanuit het midden van de kring telkens een beetje bloem bij je mengsel. Ga zo door tot alles door elkaar vermengd is en je een samenhangend deeg krijgt. Kneed het deeg nu 10 minuten goed door tot het soepel en veerkrachtig is.  Vet een kom lichtjes in met olie, leg het deeg hierin, dek af met folie en laat het nu voor minstens 1 uur rijzen, maar langer is niet erg.

Bestrooi je aanrecht lichtjes met bloem en leg je deeg op het aanrecht. Voeg de olijven, ui en koriander aan het deeg toe en kneed het door elkaar tot alles goed is verdeeld. Als je het niet gewend bent kan dit dus een beetje vreemd aanvoelen, maar wees gerust, het komt allemaal goed. Leg het deeg terug in je kom en laat het nog eens een half uur rijzen.

Bestrooi je aanrecht opnieuw met bloem en leg je deeg op het aanrecht. Druk het met je handen in een rechthoekige vorm en rol het op tot een worst. Leg je deeg op de bakplaat. Bekwast het met een beetje warm water en strooi je zaadjes eroverheen. Met een schaar kun je nu het deeg aan de bovenkant diep inknippen, zodat je groeven krijgt. Dek het brood lichtjes af met plastic folie, of stop de hele bakplaat voorzichtig in een plastic tas.  Laat het brood nu nog eens 1 uur rijzen.

Verwarm ondertussen de oven voor op 220 c. Als het brood goed is gerezen bak je het in de oven voor ongeveer 30 minuten. Controleer of het klaar is om op de bodem van het brood te kloppen. Als het hol klinkt is het goed.

Dit recept komt uit How to bake van Paul Hollywood.

Broodjes met walnoot, gorgonzola en peer

Waarschijnlijk heb je wel eens een salade op met walnoten, gorgonzola en peer. En zo niet, dan heb je het vast wel eens op een kaart zien staan. Het is namelijk een klassieke combinatie, en eentje die het ook prima doet in broodvorm. Ik heb het nog niet geprobeerd, maar waarschijnlijk kan met het soorten noten, fruit en kaas naar hartelust gevarieerd worden.

Dit heb je nodig:

  • 500 gr bloem voor witbrood
  • 2 tl zout
  • 10 gr gedroogde gist (1 1/2 zakje)
  • 20 gr boter
  • 300 ml water
  • 230 gr gorgonzola kaas
  • 100 gr walnoten, gehakt
  • 2 grote peren, geschild en in dikke plakjes gesneden

Dit maakt ongeveer 16 stuks. Ik heb het halve recept gebruikt en dat paste op 1 bakplaat, anders moet je er waarschijnlijk twee gebruiken of het in twee keer bakken.

En zo maak je het:

Ik maak brooddeeg graag direct op het aanrecht, maar voor de eerste fase kun je ook een kom gebruiken. Maak van de bloem een berg op je aanrecht en maak in het midden van je bloem een grote kuil, zodat je een soort dijk rondom krijgt. Strooi het zout langs de buitenrand van je dijk en giet het water in de kuil en daarbij de gist en de boter.  Begin met het mengen van het water met de boter en de gist en haal er langs de binnenrand van de dijk telkens een beetje bloem bij. Voorzichtig dat je de dijk niet doorbreekt, want dan krijg je overstroming! Ga door totdat alles bij elkaar gemengd is. Als je dit gedeelte in een kom hebt gedaan, moet je het deeg nu wel echt op het aanrecht leggen. Nu moet je namelijk het deeg goed kneden voor ongeveer 10 minuten.  Het moet soepel en veerkrachtig aanvoelen. Leg het deeg in een kom die lichtjes met olie is ingestreken. Dek het af met folie of een theedoek en laat het voor minstens één uur rijzen, of zelfs twee of drie uur.

Bestrooi je aanrecht lichtjes met bloem en rol het gerezen deeg uit tot een rechthoek. Verkruimel de kaas over het deeg en strooi de walnoten erover. Rol het deeg nu over de lengte op zodat je een lange worst krijgt. Snijd het in stukjes van 3 cm en leg deze stukken met de snijkant naar beneden op de bakplaat. Bedek de broodjes nu weer voorzichtig met folie of een theedoek en laat het nog eens een half uur rijzen.

Verwarm ondertussen de oven voor op 220 c. Druk 2 stukjes peer in ieder broodje, bestuif ze met bloem en bak ze voor 15-20 minuten. Ze zijn het lekkerste warm en perfect bij een kom soep.

Dit recept komt uit How to bake van Paul Hollywood.

Pita broodjes

Oftewel shoarma broodjes. Zelfgemaakt toch echt een heel stuk lekkerder dan die uit de winkel. Ze zijn ook heel leuk om te maken. Door ze te bakken op een hoge temperatuur gaat het vocht in het deeg snel stomen en lijken de broodjes bijna te ontploffen. Na een tijdje lijkt het of ze lek worden geprikt en zakken ze weer in. Je houdt een lekker broodje over, met een holte middenin zodat je het makkelijk open kan snijden en vol kan proppen met een vulling na keuze.

Dit heb je nodig:

  • 300 gr bloem voor witbrood
  • 200 gr bloem
  • 1 tl gedroogde gist
  • 1 el basterdsuiker
  • 1 tl zout
  • 2 el zonnebloem olie
  • 325 ml lauw water

En zo maak je het:

Eigenlijk op de manier zoals je altijd brood deeg bereidt. Meng de twee bloemsoorten door elkaar, strooi het op een berg op het aanrecht en maak er een kuil in. De kuil moet groot genoeg zijn om alle andere ingrediënten in te doen. Strooi het zout langs de buitenrand van de bloem en de gist, suiker, olie en het water gaat in de kuil. Meng nu met je vingers eerst alle ingrediënten in de kuil door elkaar en haal er van de binnenrand steeds een beetje bloem bij. Pas op dat je de dam van bloem niet doorbreekt want dan vloeit al het water over je aanrecht! Zodra je papje in het midden niet al te vloeibaar meer is doe je de rest van de bloem erbij. Je kan dit natuurlijk ook allemaal in een kom doen, maar waarom zou je meer afwas creeëren? Kneed het deeg zo’n 15 minuten goed door tot het veerkrachtig en soepel aanvoelt. Leg het in een kom ingesmeerd met wat olie, dek het af en laat het een uurtje op een warme plek rijzen.
Verwam de oven nu zo heet mogelijk voor maar tenminste op 250 c. Leg ook alvast een bakplaat in de oven zodat deze ook heet wordt. Verdeel het deeg in 8 stukjes, rol hier bolletjes van en laat ze nog eens 15 minuten rusten.  Rol ze dan uit tot een ovale vorm van ongeveer een halve centimeter dik. Haal de bakplaat zo snel mogelijk uit de oven, leg er 2 broodjes op (of meer of minder, afhankelijk van de grootte van je oven) en bak ze in de oven totdat ze opblazen. Dit duurt bij een oven van 250 c ongeveer 5 minuten. Haal ze uit de oven en herhaal tot alle broodjes gebakken zijn.

Dit recept komt uit Short & Sweet van Dan Lepard.

Burger broodjes

Nou kreeg ik laatst een paar hele lekkere vegaburger recepten om uit te proberen, het zag er allemaal heerlijk uit. Maar hoe lekker je burger, vegetarisch of niet, ook is, met een flut grote gele M style broodje wordt het nooit iets. Dus ging ik op zoek naar het perfecte broodje. Gelukkig was de New York Times op hetzelfde idee gekomen en zij vonden het perfecte recept via restaurant Comme Ça. Ik heb het uitgeprobeerd en het is inderdaad een heerlijk broodje. Ik ben iemand die meestal het broodje laat staan omdat het zo tegenvalt in vergelijking met de rest van de burger, maar deze zijn zeker burger waardig.

Dit heb je nodig:

Genoeg voor 8 broodjes

  • 1 kopje lauw water
  • 3 el melk
  • 2 tl gedroogde gist
  • 2 1/2 el suiker
  • 2 eieren
  • 3 kopjes bloem voor witbrood
  • 1/3 kopje bloem
  • 1 1/2 teaspoons salt
  • 2 1/2 el zachte boter
  • sesamzaadjes (optioneel)

Even een kanttekening over kopjes. De amerikanen gebruiken vaak kopjes of cups als een maat. In tegenstelling tot hier waar we grammen, een gewicht, als maat gebruiken, zijn cups een inhoudsmaat. Als je dus geen maat kopjes hebt kun je het beste een litermaat gebruiken om dit af te meten. En hierbij geld dat 1 cup staat voor 240 ml. Gewoon een kwestie van je bloem afmeten in een litermaat.

En zo maak je het:

Meng de melk, water, gist en suiker en laat deze even staan. Ondertussen meng je de bloem en zout in een kom door elkaar en wrijf de boter er door heen. Voeg het water/gist mengseltje toe en 1 losgeklopt ei. Kneed door elkaar tot er een deeg ontstaat. Haal het deeg uit de kom en kneed het op het aanrecht nog 10 minuten door totdat er een soepel en elastisch deeg onstaat.  Leg het terug in de kom, dek het af met folie en laat het een uurtje rijzen.

Als het deeg is gerezen verdeel je het in 8 gelijke stukken en vorm er bolletjes van. Leg deze verspreid op een bakplaat, leg er losjes een schone theedoek over en laat ze nog eens een uurtje rijzen.

Verwarm de oven voor op 200 c en zet een ovenvaste schaal met water op de bodem van de oven.

Smeer de broodjes in met het andere losgeklopte ei en bestrooi ze eventueel met sesamzaadjes.  Bak de broodjes voor ongeveer 15 minuten.

En zo zien ze er dan uit met alles erop en eraan. Verleidelijk of niet?

Kaneelbroodjes

Ok jongens en meisjes, dit is ‘m dan. Het recept dat jullie allemaal moeten maken. Op zo’n druilerige zondag waarop je eigenlijk van plan was helemaal niets te doen. Maak dan toch deze broodjes. Het kost even wat tijd, hoewel het grootste deel van die tijd wachten is, maar dan heb je ook wat. Zoete kaneelbroodjes die aan de buitenkant knapperig zijn en soms een beetje kleverig, maar aan de binnenkant zo zacht als.. als.. wolken. Bovendien zijn ze ook echt leuk om te maken, zoals alle gistdegen. Met m’n handen in een kom met pas gerezen deeg gaan blijft toch een van mijn favoriete dingen. But maybe that’s just me..

Dit heb je nodig:

Voor het deeg:

  • 600 gr bloem
  • 100 gr suiker
  • 1/2 tl zout
  • 21 gr (dat is 3 zakjes!) gedroogde gist
  • 100 gr boter, zacht
  • 400 ml melk, lauwwarm
  • 2 eieren

Voor de vulling

  • 150 gr boter, zacht
  • 150 gr suiker
  • 1 1/2 tl kaneel
  • 1 ei, om te bestrijken

En een bakblik van ongeveer 33 x 24 cm. Bekleed deze met bakpapier een laat een beetje bakpapier boven de rand uitsteken zodat je het later met papier en al uit het blik kan tillen.

En zo maak je het:

Verwarm de oven voor op 230 c. Dit hoef je nu nog niet te doen, ligt er een beetje aan hoe lang de oven nodig heeft om voor te verwarmen.

Doe de bloem in een grote kom en strooi het zout langs de rand van de bloem. Maak een kuiltje in het midden van de bloem en doe daarin de suiker, gist, boter, eieren en het grootste deel van de melk. Ik zou nog niet meteen alle melk erbij doen. Elke bloem is verschillend en sommige hebben minder vocht nodig. Je kan het er altijd nog bij doen. Meng eerste de ingrediënten in het kuiltje goed bij elkaar en haal er steeds meer bloem bij. Als alles tot een samenhangend geheel is gemengd haal je het deeg uit de kom. Je kneed het nu op het aanrecht zo’n 10 min goed door. En met goed kneden bedoel ik de palm van je hand gebruiken en je gewicht in de strijd gooien. Leef je maar goed uit! Je zult merken dat het deeg steeds soepeler en veerkrachtiger wordt. Het is klaar als je met een vinger in het deeg drukt en het kuiltje weer terug veert. Leg het deeg in een kom die je licht met olie hebt ingesmeerd en bedek het met huishoudfolie. Laat het nu rijzen tot het twee keer zo groot is geworden (tenminste een half uur als het warm is, maar kan ook wel een uur duren.)

Als het deeg gerezen is mag je het weer uit de kom halen (lekker hè?). Gebruik een derde van het deeg om de bodem van je bakblik te bekleden. Dit kun je doen door het uit te rollen, maar je kunt ook, en dat vind ik zelf makkelijker, het gewoon in beetje tot de juiste vorm uitrekken. Als het goed is is je deeg hier soepel genoeg voor.  Maak van de rest van het deeg een lap van ongeveer 50 x 25 cm. Meng alle vulling ingrediënten, behalve het ei, door elkaar en smeer je lap deeg mee in. Rol nu het deeg over de lengte op. Snijd de het nu in plakken van ongeveer 2,5 cm en leg deze met het snijvlak naar boven in je bakblik. Je hoeft ze niet heel dicht op elkaar te leggen. Bestrijk het met een losgeklopt ei en laat het nog eens rijzen, ongeveer 20 min. Op dit moment verwarm ik de oven voor.

Bak ze vervolgens ongeveer 25 min in de oven. Als je merkt dat ze te donker worden aan de bovenkant kun je het even afdekken met wat folie. Als het klaar is haal je het met bakpapier en al uit het blik en laat ze op een rooster afkoelen. Zodra je niet meer je handen brandt als je het aanraakt kun je stukken afscheuren en op eten. Inmiddels zullen je familie/huisgenoten al als mieren naar honing hier op af gekomen zijn, dus kun je lekker samen genieten.

Dit recept is gebaseerd op een recept uit How to be a domestic goddess van Nigella Lawson.